Wie niet nadenkt over de toekomst, zal er nooit één hebben!
Partijspel
Om de speelwijze van V.V. Den Ham te realiseren is het trainen hierop van essentieel belang. Een belangrijk onderdeel voor het inslijpen van de speelwijze is het partijspel. Een goed partijspel is de beste training die er is. Het benadert immers de wedstrijd het dichtst en dat is toch waar je als trainer naar toe wilt werken. Als trainer kan je, afhankelijk van de doelstelling, verschillende partijspelen aanbieden, bijv. met 2 grote doelen, 4 kleine doeltjes, lijnvoetbal, breed of juist lang veld, etc.. Binnen het partijspel staat altijd de teamfunctie ‘aanvallen’ of ‘verdedigen’ centraal.


TEAMFUNCTIE AANVALLEN


De teamfunctie ‘aanvallen’ bestaat uit de teamtaken ‘opbouwen’ en ‘scoren’. Een partijspel gericht op de teamtaak ‘opbouwen’ heeft als doel de opbouw vanuit de keeper en verdedigers, via het centrum of de flank, in relatie tot de middenvelders en/of aanvallers te verbeteren. Een partijspel gericht op de teamtaak ‘scoren’ heeft als doel het aanvallen op de helft van de tegenstander via het centrum en de flank, het aanspelen van de aanvallers, het vervolg en de samenwerking met de overige spelers te verbeteren. In beide partijspelen staat daarnaast het omschakelen naar verdedigen centraal.
 

TEAMFUNCTIE VERDEDIGEN


De teamfunctie ‘verdedigen’ bestaat uit de teamtaken ‘storen’ en ‘doelpunten voorkomen’. Een partijspel gericht op de teamtaak ‘storen’ heeft als doel het drukzetten en veroveren van de bal op de helft van de tegenstander van onze aanvallers in relatie tot de middenvelders en/of verdedigers te verbeteren. Een partijspel gericht op de teamtaak ‘doelpunten voorkomen’ heeft als doel het verdedigen op eigen helft in samenwerking met de middenvelders en/of aanvallers te verbeteren. In beide partijspelen staat daarnaast het omschakelen naar aanvallen centraal.
 

TRAININGSCONSEQUENTIES PER LEEFTIJDSGROEP


Om een zo’n groot mogelijk succes te krijgen geeft V.V. Den Ham per leeftijdsgroep aan hoe het partijspel getraind dient te worden. Elke leeftijdsgroep kan zich hierdoor op zijn eigen niveau ontwikkelen in de speelwijze. Een leidraad om onze jeugdspelers nog beter via een rode draad op te leiden. Het is echter aan de trainer te bepalen aan welk niveau de spelersgroep toe is. ‘’Niet de kalenderleeftijd, maar de biologische leeftijd (ontwikkelingleeftijd), telt”.

Vanaf de F-jeugd
Bij de F- en E-jeugd worden kleine partijspelen gespeeld van maximaal 4:4 (excl. keepers). Deze vormen garanderen een groot aantal balcontacten en zijn een uitstekend middel om spelers snel te ontwikkelen. Daarnaast zijn dit ideale vormen om techniek aan inzicht te koppelen.
 
Vanaf de D-jeugd
Bij de D- en C-jeugd wordt (ook) overgeschakeld naar grote partijspelen. Deze spelen we binnen deze leeftijdsgroepen met twee linies. Dat kunnen de verdedigers met de middenvelders zijn of de middenvelders met de aanvallers. De vormen geven een meer inzichtelijke prikkel en zijn heel erg geschikt om jeugdspelers de grondbeginselen van de speelwijze te leren. Ook zijn ze ideaal om wedstrijdsituaties in vereenvoudigde vormen aan te bieden.
 
Vanaf de B-jeugd
Bij de B- en A-jeugd spelen we grote partijspelen met drie linies als de aantallen het toelaten. Partijspelen met drie linies zijn de meest complexe vormen. In deze vormen is er steeds sprake van verdedigers, middenvelders en aanvallers. Deze vormen zijn inzichtelijk het meest veeleisend en hebben een directe relatie met de wedstrijd. Partijspelen met 3 linies zijn perfect als voorbereiding op de wedstrijd.


ORGANISATIE PARTIJSPELEN

Bij het trainen van partijspel is het voor de trainer belangrijk de doelstelling te halen en dus de spelers verder te ontwikkelen. Essentieel hierbij is een goede organisatie van de partijspelen. Hieronder een aantal tips waar een goed partijspel aan moet voldoen:
 
Kies de juiste veldgrootte
De veldgrootte is afhankelijk van de doelstelling. Zorg dat de afmetingen van het veld de doelstelling stimuleren.

Kies voor vormen met een wedstrijdecht karakter
Het is van belang om het wedstrijdeigen karakter goed in het oog te houden. De keuze van de doeltjes, de afbakening van het veld of de wedstrijdregels zijn belangrijke aspecten binnen het voetbal.
 
Creëer een wedstrijdechte situatie
De posities, de plaats op het veld, de richting, de positie van de spelers en tegenstanders moeten een relatie hebben met de wedstrijd. Spelers spelen dus zoveel mogelijk vanuit de positie die ze in de wedstrijd ook bekleden. Uitgezonderd F- en E-pupillen; zij hebben geen vaste posities en moeten t.b.v. van hun ontwikkeling en spelplezier om meerdere posities spelen.
 
Positioneer de tegenstanders in functie van de doelstelling
Het positioneren van de spelers en tegenstanders moet een relatie hebben met de doelstelling. Ook door het aanvallende team gerichte opdrachten te geven kan de doelstelling beter naar voren komen.
 
De trainer speelt niet mee
Een trainer doet in principe nooit mee aan het partijspel. Vaak doen trainers mee, bijvoorbeeld omdat ze het leuk vinden een balletje mee te trappen. Daarbij geven ze vaak onbewust richting aan het spel, waardoor de doelstelling ondersneeuwd.
 
Let op de beleving van spelers
Creër succesbeleving; zorg dat er veel gescoord kan worden door de spelers. Zeker bij de jongste jeugd komt dit de beleving ten goede.
 
Creëer winmomenten
Winmomenten zijn een uitstekend middel om de spelers tijdens een partijspel te prikkelen. De verliezende partij kan bijvoorbeeld worden “bestraft” met bijvoorbeeld het opruimen van de spullen, een extra sprintoefening, opdrukken, etc.