Wie niet nadenkt over de toekomst, zal er nooit één hebben!
Per teamfunctie

AANVALLEN

Opbouwen
Als uitgangspunt willen we graag opbouwen. Het is belangrijk dit te benoemen, want het is voor elke club, elk team of elke trainer niet vanzelfsprekend. We willen opbouwen en daar is dus een goed verzorgd positiespel voor nodig. Door middel van het positiespel van achteruit willen we komen tot een inspeelpass/dieptepass vanuit de verdediging naar het middenveld of de aanval. Tevens moet vanuit het positiespel getracht worden om een man-meer-situatie te creëren op het middenveld door het inschuiven van een centrale verdediger. Essentieel voor een goede verzorgde opbouw is de “punt naar achteren”, dit betekent een extra aanspeelpunt tijdens het opbouwen. Deze zal er of moeten staan, spelend met een controleur, of zal moeten worden gecreëerd, spelend met een “nr. 10”. Onze middenvelders zorgen voor veel dynamiek, doormiddel van positiewisselingen, waardoor een roterend middenveld ontstaat, van daaruit is het zaak een aanspeelpunt op het middenveld of in de aanval te creëren. Waar het aanleren van de opbouw bij de jongere jeugd een doel op zich is, is het de bedoeling bij de oudere jeugd om steeds minder risico te nemen, omdat het winnen van wedstrijden meer centraal komt te staan.

Scoren
Net als bij het opbouwen kenmerkt het aanvalsspel zich door een verzorgd en goed uitgevoerd positiespel om zodoende openingen te creëren of spelers in een 1 tegen 1 situatie te krijgen. Om zich aanspeelbaar te maken zijn onze spelers creatief en proberen zo via verschillende loopacties vrij te komen. Spelers worden gestimuleerd om in de eindfase risicovolle (steek)passes te geven, aanvallende en individuele acties te maken en te komen met individuele oplossingen. Ook onze vleugelverdedigers zijn een belangrijke schakel in het aanvalsspel; zij moeten de intentie hebben en gestimuleerd worden om zoveel mogelijk te overlappen, om zich zodoende met het aanvallen te bemoeien. Doormiddel van al deze punten moet een snel en gevarieerd aanvalsspel ontstaan, wat uiteindelijk zal leiden tot het onder druk zetten van een tegenstander en het creëren van kansen.

VERDEDIGEN

Doelpunten voorkomen
De V.V. Den Ham vindt het belangrijk haar verdedigers op een zo’n compleet mogelijk manier op te leiden. Verdedigers moeten leren om zowel in de mandekking te spelen als ook leren de ruimte te bespelen. Derhalve passen we vanaf de C-junioren bij al onze jeugdteams zoneverdediging toe. Onze centrale verdedigers spelen niet meer achter elkaar, maar in de zone naast elkaar. Een ander belangrijk punt binnen onze jeugdopleiding is het collectief verdedigen. Alle spelers, zonder uitzondering, moeten hierbij hun verdedigende taak uitvoeren. Spelers moeten vanaf de jongste jeugd doordrongen worden van het feit dat ze in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor hun eigen direct tegenstander, waarbij het winnen van het rechtstreekse 1 tegen 1 duel centraal staat. Het is aan de trainer de spelers hier continu op te wijzen. Ook bij de oudere jeugd blijft dit een belangrijk aandachtspunt. Echter wordt het nu ook steeds belangrijker de eigen formatie te handhaven, waardoor nu steeds meer het overnemen van tegenstander vanuit de positie aan de orde wordt gesteld.

Storen
Binnen de jeugdopleiding van voetbalvereniging Den Ham streven we naar pressievoetbal; we willen zo snel mogelijk weer in balbezit komen. Derhalve moet het uitgangspunt van alle teams zijn om zo hoog mogelijk druk te zetten op de helft van de tegenstander. Bij de oudere jeugd zal echter steeds meer rekening worden gehouden met externe factoren, zoals de klasse waar in gespeeld wordt, de stand in de wedstrijd, de sterkte of zwakte van een tegenstander, etc. Als trainer ga je nu afspreken in welk gebied (diep, halverwege of rond de middenlijn) je gaat drukzetten. Het verandert echter niets aan de manier waarop we drukzetten, geen afwachtende houding aannemen, maar juist altijd initiatief, “druk op de bal”, willen hebben.

OMSCHAKELING

Balbezit naar balbezit tegenstander
Op het moment dat de bal wordt verloren, zet de dichtstbijzijnde speler direct druk op de bal om zo of de bal te veroveren of de dieptepass eruit te halen, zodat onze linies kunnen organiseren. Dit alles moet snel gebeuren, dus het vereist scherpte van alle spelers.

Balbezit tegenstander naar balbezit
Op het moment dat we balbezit krijgen, moeten onze spelers in eerste instantie proberen een dieptepass te geven, omdat de verdediging van tegenstander vaak nog niet georganiseerd is. Uitgangspunt hierbij is wel de bal in de ploeg te houden, waarbij vooral aandacht besteedt dient te worden tussen de afweging wanneer direct diepte te zoeken en wanneer op zeker te spelen.